Ernst Reijseger▶
Met de stroom meedrijven kan een dooie hond ook
Deel deze video op de huidige startpositie op social media.

Facebook Twitter Google+

Biografie

Ernst Reijseger (Naarden, 13 november 1954) geldt al op jonge leeftijd als een talentvolle cellist. Als tiener krijgt hij les van barokspecialist Anner Bijlsma en gaat hij naar het conservatorium in Amsterdam. Dit verlaat hij voortijdig om zich in de wereld van de geïmproviseerde muziek te storten. Hij ontwikkelt een uiterst fysieke stijl van cellospelen met een breed vocabulaire aan onorthodoxe technieken. Meer dan andere cellisten speelt hij pizzicato, de snaren plukkend als een jazzbassist of tokkelend in de gitaarhouding. De klankkast bespeelt hij als percussie-instrument, waarbij hij inspiratie haalt uit niet-westerse muziek. Daarbij experimenteert hij voortdurend, met klanknabootsing en interactie met het publiek als belangrijke uitgangspunten. Eind jaren zeventig treedt hij op met bands uit het Bimhuis-circuit, zoals het ICP Orkest en het Theo Loevendie Consort. Met altviolist Maurice Horsthuis en contrabassist Ernst Glerum formeert hij het succesvolle Amsterdam String Trio, dat balanceert tussen jazz, klassiek en hedendaags. In 1985 ontvangt hij de Boy Edgar Prijs. Hij geeft geregeld soloconcerten en zoekt verdieping in de niet-westerse muziek. In 1995 ontvangt hij de Bird Award op het North Sea Jazz Festival. Reijseger oogst internationaal succes als solo-artiest en als lid van het Clusone Trio, het Arcado String Trio en het Gerry Hemingway Quintet. Hij componeert en speelt soundtracks voor verschillende films van regisseur Werner Herzog. In 2010 wordt zijn solo-CD Tell Me Everything bekroond met een Edison.

1954 - 1974

Ernst Reijseger groeit op in Bussum en begint als achtjarige met cellospelen. In 1968, als gymnasiast, wordt hij met zijn cello uitgezonden naar de Gooise interscolaire wedstrijden en wint hij in de categorie klassiek-onder-de-zestien. Hij trekt de aandacht van bovenbouwers Jurre Haanstra, Leo Samama en Willem Jan Otten. Via hen maakt hij kennis met jazz, etnische muziek, moderne klassieke muziek en geïmproviseerde muziek. In 1972 speelt hij elektrische cello in de groep Banten, met Haanstra en Arnold Dooyweerd. Banten brengt een plaat uit in 1972 en in 1973 speelt Reijseger op het debuutalbum See The Sun van de symfonische rockgroep Kayak. Hij krijgt les van Anner Bijlsma, destijds eerste cellist van het Concertgebouworkest. Bijlsma motiveert hem om toelatingsexamen te doen aan het conservatorium van Amsterdam. In 1974, in het eerste jaar van het conservatorium, is het uitgerekend Bijlsma die hem adviseert om weer te stoppen met de opleiding en zijn eigen weg te volgen. 'Hij heeft me op geen enkele manier het gevoel gegeven dat ik wegens onbekwaamheid de laan werd uitgestuurd, terwijl ik op dat moment totaal ongeschikt was voor een conservatoriumopleiding', zegt Reijseger later in de Volkskrant.

1975 - 1984

Via straattheatergroepen leert Reijseger andere improviserende musici kennen, onder wie de Amerikaanse, in Amsterdam wonende pianist Burton Greene. In diens groep verkent de cellist voor het eerst zijn aan jazzbassisten ontleende 'walking bass'-techniek. Hij maakt muziek voor de eerste Nederlandse uitzendingen van Sesamstraat met de Zuid-Afrikaanse, eveneens in Amsterdamse gevestigde saxofonist Sean Bergin. Reijseger vindt aansluiting in het circuit rond het in 1974 geopende Bimhuis en treedt er op met bands van Bergin en met de van oorsprong Amerikaanse musici Michael Moore en Michael Vatcher. In 1979 verschijnt de LP Mistakes van het duo Bergin-Reijseger. Ook maakt hij muziek bij de voorstelling Oorlog en Pap van dichter Johnny van Doorn. In 1981 verschijnt Reijsegers eerste soloalbum. Hij vormt een duo met de Schotse percussionist Alan Purves, eveneens actief in het Bimhuis-circuit. Reijseger speelt op internationale improvisatiefestivals met onder anderen Derek Bailey, Evan Parker en Joëlle Léandre. Hij wordt lid van het ICP Orchestra en het Theo Loevendie Consort. Naast solo-optredens, waarbij hij zijn hele arsenaal aan technieken toont, speelt hij in talrijke bands van onder anderen André Goudbeek, Paul Termos, Michael Moore en Conrad Bauer. In 1984 vormt hij een trio met altviolist Maurice Horsthuis en contrabassist Ernst Glerum, dat zich zal ontwikkelen tot het Amsterdam String Trio. Hun muziek is een amalgaam van jazz, improvisatie, klassieke en hedendaagse muziek.

1985 - 1994

Op 19 oktober 1985 ontvangt Ernst Reijseger de Boy Edgar Prijs in het Bimhuis. Tijdens deze avond, die wordt gepresenteerd door Wim de Bie, spelen naast bevriende improvisatoren ook oud-leraar Anner Bijlsma en pianist Reinbert de Leeuw. Behalve met ICP treedt Reijseger op met Curtis Clark, Guus Janssen en Franky Douglas. Met slagwerker Gerry Hemingway vormt hij een internationaal kwintet met een wisselende bezetting. De CD's van deze groep worden internationaal uitgebracht en ontvangen lovende kritieken, onder meer van de toonaangevende Penguin Guide To Jazz. In 1988 organiseert Reijseger een optreden met rietblazer Michael Moore, pianist Guus Janssen en slagwerker Han Bennink op het Clusone Festival in het gelijknamige Noord-Italiaanse bergdorp. Uit deze groep ontstaat het internationaal succesvolle Clusone Trio met ICP-leden Reijseger, Moore en Bennink. Reijseger vormt een trio met de Duitse pianist Georg Graewe en Gerry Hemingway. De cellist vervangt Hank Roberts in het Arcado String Trio, de New Yorkse evenknie van het Amsterdam String Trio. In 1993 wordt Reijseger uitgenodigd door Yo-Yo Ma voor een duo-optreden in het Concertgebouw als onderdeel van een programma rondom de wereldberoemde cellist. Hij levert een gastbijdrage aan de CD Crazy Saints van de Indiase percussionist Trilok Gurtu.

1995 - 1999

In 1995 ontvangt Reijseger de Bird Award op het North Sea Jazz Festival, waar hij solo optreedt. In 1996 gaat Clusone Trio op tournee in Nederland en België met trompettist Dave Douglas. Reijseger verdiept zich in niet-westerse muziek in ensembles met de Curaçaose gitarist Franky Douglas en de Senegalese zanger-percussionist Mola Sylla. Hij speelt in theatervoorstellingen van Teo Joling. Reijseger vormt een nieuw trio met Michiel Borstlap en Eric Vloeimans. Hij sluit een contract met het prestigieuze Duitse label Winter & Winter, dat in 1997 de solo-CD Colla Parte uitbrengt. In 1998 komt het Amsterdam String Trio opnieuw bij elkaar. Reijseger en Purves werken samen met het Sardijnse mannenkoor Tenore e Concordu de Orosei op de CD Colla Voce. Deze combinatie treedt ook op tijdens het Holland Festival. Op North Sea Jazz 1999 speelt Reijseger tijdens het Bird Winners Concert.

2000 - 2005

In 2000 verschijnen CD's van het Amsterdam String Trio, het ICP Orchestra en het Gerry Hemingway Quartet. Op North Sea Jazz 2000 speelt Reijseger met Misha Mengelberg en Yuri Honing. Van zijn duo met de Italiaanse pianist Franco d'Andrea verschijnt in 2002 de CD I Love You So Much It Hurts. Reijseger speelt steeds vaker als trio met Alan Purves en Mola Sylla, waarbij liederen in het Arabisch en in de Afrikaanse taal Wolof als uitgangspunt dienen. In 2003 maakt hij met Sylla en de Senegalese percussionist Serigne C.M. Gueye de CD Janna, vernoemd naar Reijsegers geadopteerde dochter. Hij werkt samen met internationale artiesten als Maria Pia de Vito, Simon Nabatov en, voor een project met de WDR Big Band, Gerardo Gardini. Daarnaast speelt hij in de nieuwe Nederlandse bands Barana & co., rond de Turkse musicus Behsat Üvez, en Boi Akih, waarin zangeres Monica Akihary Molukse liederen vertolkt. Hij maakt enkele jaren deel uit Boompetit en Fugimundi, twee bands onder leiding van trompettist Eric Vloeimans. In 2004 werkt hij voor het eerst samen met de Duitse regisseur Werner Herzog aan muziek voor de documentaire The White Diamond. In 2005 componeert hij de soundtrack van Herzogs speelfilm The Wild Blue Yonder. In 2005 levert hij een compositie aan het Zapp String Quartet, het titelstuk van de CD Passagio.

2006 - 2008

Reijseger arrangeert muziek die Felix Strategier heeft geschreven op teksten van de Zuid-Afrikaanse dichteres Ingrid Jonker, voor de voorstelling Korreltjie korreltjie sand van theatergroep Flint. Hij speelt eigen werk op de eerste Cello Biënnale in Muziekgebouw aan 't IJ in 2006. Reijsegers filmmuziek voor Herzog verschijnt op de CD Requiem For A Dying Planet. De muziek wordt het jaar daarop integraal uitgevoerd op het Holland Festival. In dat jaar verschijnt Do You Still, waarop Reijseger speelt met celliste Larissa Groeneveld en pianist Frank van de Laar. Drie tracks worden door Herzog gebruikt in zijn speelfilm Rescue Dawn. Reijseger schrijft een werk voor het Metropole Orkest. In 2008 gaat hij op tournee met accordeonist Luciano Bondini en tubaspeler Michel Godard. In 2009 verschijnt het soloalbum Tell Me Everything en componeert Reijseger de soundtrack voor My Son My Son What Have Ye Done, de speelfilm van Herzog die wordt geproduceerd door David Lynch. Hij werkt hiervoor samen met Purves, Sylla, Biondini, pianist Harmen Fraanje, tablaspeler Sandip Bhattacharya en vier andere cellisten.

2010 - 2011

De CD Tell Me Everything ontvangt in 2010 een Edison Klassiek in de categorie 'eigentijds'. Reijseger wint op het Nederlands Film Festival een Gouden Kalf voor de filmmuziek die hij componeerde voor C'est Déjà L'Été, het speelfilmdebuut van regisseur Martijn Maria Smits. Na jarenlang alleen een akoestische, viersnarige cello te hebben bespeeld, treedt Reijseger vanaf 2010 op met een nieuwe vijfsnarige cello. Op de Cello Biënnale 2010 treden hij en Giovanni Sollima samen op met het Mega Kinder Cello Orkest, een gelegenheidsorkest met 140 jonge cellisten. Op 8 november 2010 worden Reijseger, Sylla en de band Groove Lélé bekroond op de Trophée Des Arts Afro-Caribéens met de prijs voor het beste album van 2010 voor hun gezamenlijke CD Zembrocal Musical. In 2011 componeert Reijseger voor choreograaf Andrea Boll en voor het Corsicaanse mannenkoor A Filetta met het Nederlands Blazers Ensemble. Hij is te horen op de internationaal gewaardeerde CD Close Enough van saxofonist Paul van Kemenade. In 2011 verschijnt de CD met muziek voor Cave Of Forgotten Dreams, een documentaire van Werner Herzog, waarop Reijseger samenwerkt met Sean Bergin, Harmen Fraanje en het Nederlands Kamerkoor.

2012 - 2013

Het trio Reijseger, Harmen Fraanje en Mola Sylla musiceert als sinds 2008 met elkaar, maar gaat pas in 2012 de studio in voor een eerste album. Down Deep verschijnt in maart 2013 bij het Duitse label Winter & Winter. De cd bevat zeven eigen stukken, een compositie van Sylla samen met de Frans/Afrikaanse fluitist Malik Mezzadri en een bewerking uit de opera Tosca van Giacomo Puccini. Op 16 maart 2012 speelt Reijseger in de Doelen te Rotterdam voor het eerst samen met het New Rotterdam Jazz Orchestra op de première van het filmproject 1 Miljoen Uitwegen. De samenwerking leidt tot een gezamenlijke tournee die eind november 2013 van start gaat.

2014

Vanwege Reijsegers 60ste verjaardag brengt het label Winter & Winter het album Feature uit. De meeste composities zijn in juni 2009 en juli 2010 opgenomen in de Evangelisch-Lutherse Kerk te Haarlem, aangevuld met opnamen gemaakt in Duitsland in augustus en september 2014. Reijseger speelt mee op de cd Call Sheets, Riders & Chicken Mushroom van de Belgische jazzband Flat Earth Society. De solo-improvisaties op de cd Crystal Palace zijn in september 2013 vastgelegd tijdens een tentoonstelling in Staatsgalerie Moderne Kunst im Glaspalast in Augsburg. De cellist laat zich inspireren door de kleuren in de schilderijen van Jerry Zeniuk. Samen met Harmen Fraanje zorgt hij voor de muziek bij de televisiefilm Voor Emilia van regisseur Martijn Maria Smits Music.

2015

Op 28 februari presenteren Reijseger, Fraanje en Sylla hun tweede gezamenlijke album Count Till Zen in het Bimhuis. De drie muzikanten spelen opnieuw een gevarieerde mix van kamermuziek, klassiek, improvisatie en Afrikaanse roots. Reijseger toont zijn veelzijdigheid door virtuoze strijkpartijen af te wisselen met stukken waarbij hij de cello ook als een gitaar of als een percussie-instrument bespeelt. Het trio doet een korte tournee en speelt onder meer in Kopenhagen (maart) en Dublin. Filmmuziek van de cellist is dit jaar in de bioscopen te horen in de Belgische speelfilm Préjudice van Antoine Cuypers. Reijseger speelt mee in de compositie Rondo op het album Meeting Points van Guus Janssen.

2016

Ernst Reijseger en Werner Herzog werken weer samen voor Herzogs speelfilm Salt and Fire. Op de soundtrack wordt de cellist vergezeld door onder anderen Fraanje en Sylla, het Nederlands Blazers Ensemble, Alan Purves en blokfluitist Erik Bosgraaf. Reijseger, Sylla en Fraanje touren door Europa en staan onder meer in juni op het Italiaanse Ravenna Festival. De cellist doet in augustus als trio met Harmen Fraanje en de Italiaanse accordeonist Luciano Biondini mee aan de jaarlijkse ZomerJazzFietsTour in Groningen. The Volcano Symphony is het eerste symfonische gedicht dat Reijseger componeert. Hij schrijft het stuk voor het Spaanse barokorkest Forma Antiqva dat het uitvoert onder leiding van Aarón Zapico. De cellist speelt tijdens de cd-opnames van The Volcano Symphony als gast mee samen met percussionist Alan Purves.

Bedankt

Deze pagina is mede mogelijk gemaakt met de bijdragen van Frans Schellekens, NRC Handelsblad, Neeltje Hin, Nieuwsblad van het Noorden, Noordhollands Dagblad, Peter Cox, Pieter Boersma, Trouw, Vrij Nederland & de Volkskrant.

Discografie

Sean Bergin & M.O.B. - Kids Mysteries

Toon alles


Beelden uit het archief


Twitter met hashtag #ernstreijseger

Reed Davis
@reeddavis
wo 26 jul
#goodmorning @starbucks enjoying my #VentiQuadSoy in #timessquare to one my favorite #ernstreijseger... https://t.co/jRU2z3H2DL +